Nuttige nieuwtjes
Rijden in de winter!
In België zijn de winters niet extreem hard, maar een kleine winterprik is vaak al voldoende om het verkeer helemaal in de war te sturen. Enkele nuttige tips om beslagen de winter in te rijden...
In de herfst brengt u uw auto best even naar de garage voor een winteronderhoud, zodat hij helemaal klaar is voor de winter. Dit is ook het uitgelezen ogenblik om bijvoorbeeld sterretjes in de voorruit te laten herstellen, om te voorkomen dat door het grote temperatuurverschil de ruit verder zou barsten. Controleer regelmatig of er nog voldoende ruitenwisservloeistof in het reservoir zit, en voeg er een beetje antivriesmiddel aan toe. Zorg in de auto ook voor een ijskrabber en een ruitenontdooier. Een slotontdooier bewaart u best niet in de auto, maar bij de sleutels of de papieren.
Winterbanden
Als u in de winter vaak de weg op moet, kunt u best winterbanden laten monteren. Die zijn niet alleen nuttig bij sneeuw of ijzel, maar bieden al beduidend meer grip dan zomerbanden bij een temperatuur lager dan 7 graden Celsius. Winterbanden hebben een specifiek profiel en een specifiek rubbermengsel, waardoor ze water beter afvoeren en over een groter remvermogen beschikken. De profieldiepte van een winterband moet in Frankrijk en Oostenrijk minimaal 4 millimeter bedragen om een bergpas op te rijden.
In sommige Europese landen, zoals Finland of Slovenië, is het in de winter verplicht om met winterbanden te rijden, in Duitsland is dat enkel het geval bij winterweer (ijzel, sneeuw, enzovoort). In andere landen kunt u bij een ongeval aansprakelijk gesteld worden als u niet met winterbanden rijdt. Voor meer informatie over de specifieke regels per land kunt u terecht op sites van automobielclubs.
Strooizout tast de onderkant en de lak van uw wagen aan. Was dus regelmatig uw auto, niet alleen voor een beter zicht, maar ook om schade te voorkomen. Vuile ruiten vriezen trouwens sneller aan. Als de auto 's nachts buiten staat, plaats dan een stuk karton of een deken tussen de ruitenwissers en de voorruit om te voorkomen dat de ruit of de wissers aanvriezen. Gebruik geen krantenpapier, want dat kan vochtig worden, waardoor het blijft plakken aan de ruit. Tot slot nog dit: gebruik de handrem niet bij vriestemperaturen, want het risico bestaat dat de remkabel vastvriest.
Aangepaste rijstijl
Slaat Koning Winter toe en moet u toch de weg op, wees dan extra op uw hoede. Maak de wagen voor u vertrekt steeds volledig sneeuw- en ijsvrij, om een optimaal zicht op de weg en het verkeer te hebben. Zorg ook voor een goede verlichting, zodat anderen u goed kunnen zien. Vertrek rustig en versnel niet te bruusk, zodat de banden niet doorslippen. Schakel naar een hogere versnelling als dat toch gebeurt, zo vermindert u de kracht die op de wielen wordt uitgeoefend.
Voorzichtigheid is zeker geboden als de weg er besneeuwd bijligt, of als de temperatuur rond het vriespunt schommelt: de remafstand is groter en het zicht is vaak minder goed. Een nat wegdek is dubbel zo glad als een droog wegdek, maar een besneeuwd wegdek is nog eens dubbel zo glad als een nat wegdek. Hou zeker voldoende afstand tot uw voorligger, zodat u kunt anticiperen als die een onverwacht manoeuvre uitvoert. Vertraag ook tijdig, zodat u niet plots hard in de remmen moet. Schakel liever een versnelling terug om af te remmen. Vergeet ook niet dat in gladde omstandigheden het ABS de remweg niet inkort, maar integendeel, vaak nog langer maakt.
Bochtenwerk
In bochten kunt u de controle over het stuur vlugger verliezen. Vertraag om de bocht met de juiste snelheid aan te snijden. Het is beter om voor een bocht te remmen dan in een bocht. Als de voorwielen de neiging hebben om rechtdoor te schuiven, ga dan van het gas en stuur naar de juiste richting. Hebt u het gevoel dat de achterkant van de wagen uitbreekt, zet dan de wielen recht en geef langzaam gas om weer in de goede richting te gaan, tenminste als uw auto voorwielaangedreven is. Gaat het om een auto met achterwielaandrijving, los dan het gaspedaal en stuur tegen (lees: draai de wielen tegen de richting van de bocht). De grip zal terugkomen zodra de snelheid daalt.
Wat moet u doen als de auto toch begint te slippen? Regel nummer 1 is om niet plots te gaan remmen. Vermijd ook bruuske stuurbewegingen. Kijk én stuur in de richting waar u naartoe wilt, zeker niet naar de hindernis die u moet ontwijken. Kortom, hoewel rijden in winterse omstandigheden nooit een pretje is, komt u met een aangepaste rijstijl en door het hoofd koel te houden al een heel eind verder
(artikel via www.autogids.be)
21 november 2008